Spiervezels: welke twitch heb jij?

5G-spiervezels

De skeletspieren – die we nodig hebben om te bewegen – bestaan uit spierbundels die weer uit spiervezels bestaan. Er worden verschillende typen spiervezels onderscheiden: de snelle en de langzame spiervezels. Ze verschillen in de manier waarop ze presteren en de weerstand tegen vermoeidheid. In de skeletspieren hebben we ze in principe allebei, maar 1 van de typen overheerst meestal. Van welke heb jij de meeste?

Niet alle spiervezels zijn dus gelijk. Er zijn simpel gezegd 2 typen spiervezels: Type 1, ook wel de langzame spiervezel of slow-twitch genoemd en Type 2, ook wel de snelle spiervezel of fast-twitch genoemd. De spiervezeltypen verschillen in hun eigenschappen. En daardoor reageren ze tijdens fysieke inspanning ook anders.

De verhouding van type 1 en type 2 spiervezels verschilt sterk tussen de spieren en ook tussen personen. De spiervezelsamenstelling is voor het grootste deel genetisch bepaald. Training kan wel zorgen voor kleine veranderingen, maar dat is wellicht minder dan 10%.

Langzame Type I Spiervezels

De type 1 spiervezels worden behalve langzame spiervezels of slow-twitch, ook wel rode spiervezels genoemd. Dat komt omdat ze goed doorbloed zijn en daardoor rood van kleur. Ze produceren op aerobe wijze (met zuurstof) energie.

De snelheid waarmee deze spiervezels samentrekken (contractiesnelheid) is langzamer dan die van de type 2 spiervezels. Maar daarentegen hebben ze een hogere weerstand tegen vermoeidheid en kunnen dus lang actief zijn. Wel hebben ze dan weer minder kracht en snelheid.

Sporters met een hoog aandeel type 1 spiervezels zijn in het voordeel bij duuractiviteiten.

Snelle Type 2 Spiervezels

De snelle type 2 spiervezels (fast-twitch) worden onderverdeeld in subtypen: type 2a, type 2b (of 2x genoemd) en type 2c. Type 2c komt maar 1-3% voor in een spier, en wordt hier verder buiten beschouwing gelaten.

Type 2b spiervezels zijn de snelste spiervezels en leveren het grootste vermogen. Onder anaerobe omstandigheden (zonder zuurstof) leveren ze veel snelheid en kracht, maar wel van korte duur. Doordat ze niet goed doorbloed zijn, zijn deze vezels trouwens wit van kleur. Ze worden voornamelijk gebruikt bij hoog-explosieve activiteiten als de 100 meter sprint.

Type 2a spiervezels zitten tussen de type 1 en type 2b in. Deze intermediaire spiervezels kunnen zowel onder aerobe als anaerobe omstandigheden energie leveren. Dit type kan aanzienlijk meer kracht vrijmaken dan type 1 spiervezels, maar hebben een beperkter uithoudingsvermogen en raken dus eerder vermoeid. Ze blijken voornamelijk te worden gebruikt bij hoog-intensieve duursporten, als de 1500 meter hardlopen.

Sporters met een hoog aandeel type 2 spiervezels zijn in het voordeel bij sprinten en krachtsporten.

Nog een paar interessante weetjes

  • Bij een spiercontractie worden de type 1 vezels altijd als eerste ingezet. Maar wanneer de intensiteit van de activiteit toeneemt en meer kracht nodig is, worden de type 2 vezels erbij betrokken. Dit wordt rekrutering van de spiervezels genoemd.
  • Stabiliteitsspieren die van belang zijn voor een goede lichaamshouding (o.a. nek en wervelkolom) bevatten meer type 1 dan type 2 spiervezels; ze worden namelijk langdurig aangespannen.
  • De spiervezelsamenstelling bij succesvolle duursporters en sprinters is meestal optimaler voor de sport dan bij normale sporters. Echter, er zijn nog zoveel meer factoren van belang voor sportsucces, dat alleen kijken naar de spiervezels te beperkt is. Laat je er dan ook niet door beperken!

Wat verandert er met het ouder worden?

Naarmate we ouder worden, vindt er een verandering plaats van de verdeling van type 1 en 2 spiervezels: we verliezen meer type 2 dan type 1 spiervezels. Dat betekent dat het voor ouderen vaak moeilijker wordt om snelle en explosieve inspanningen te kunnen uitvoeren. Voor onder meer preventie van valincidenten, zijn spierversterkende oefeningen daarom ontzettend belangrijk.

Bronnen:

  • Larry Kenney, W., Wilmore, J. H. & Costill, D. L. (2016). Inspannings- en sportfysiologie. Houten: Bohn Stafleu van Lochum.